Alle berichten met de tag: BW art. 6:271


HR 21 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:773

De Hoge Raad beantwoordt prejudiciële vragen over schadevergoeding bij beëindiging dan wel ontbinding van een effectenleaseovereenkomst wegens wanbetaling van een lessee en concludeert dat art. 6 van de door Dexia gehanteerde Bijzondere voorwaarden een oneerlijk beding is in de zin van de Richtlijn 93/13/EEG voor zover het betrekking heeft op de rentetermijnen die ten tijde van de beëindiging nog toekomstig waren.

(meer…)

HR 13 mei 2016, ECLI:NL:HR:2016:852

De oorspronkelijke koper diende rekening te houden met de na ontbinding van de koopovereenkomst ontstane verbintenis tot teruggave van de prestatie, ook al had het hof verzuimd te beslissen op een vordering met diezelfde strekking van de verkoper.

(meer…)

HR 12 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1520 (AIS/Verweerder)

Ingevolge art. 6:119 BW bestaat ter zake van vertraging in de voldoening van een geldsom uit hoofde van een ongedaanmakingsverbintenis ex art. 6:271 BW slechts aanspraak op wettelijke rente en niet (tevens) op vergoeding van de in verband met die vertraging betaalde rente. Aanvaardt de vergoedingsplichtige evenwel dat renteschade in plaats van wettelijke rente wordt toegewezen, dan is daarnaast niet ook nog wettelijke rente verschuldigd. (meer…)