Https://cassatieblog.nl maakt gebruik van cookies voor webanalyse en social media sharing. Google Analytics analyseert met behulp van cookies hoe de website wordt gebruikt. Daarnaast toont Https://cassatieblog.nl knoppen om informatie te delen op sociale media. Deze knoppen worden enkel weergegeven als u toestemming geeft cookies te plaatsen op uw computer. Meer informatie vindt u in onze Privacyverklaring.
weigeren accepteren

juli, 2018

EVEX (I of II?) - Cassatietermijn van openbare orde, verjaring niet

CB 2018-120 Geplaatst op 09 jul 2018 door

HR 6 juli 2018, ECLI:NL:HR:2018:1099

De enkele (door verzoekster gestelde) omstandigheid dat de vordering van verweerster in cassatie uit hoofde van het Zwitserse vonnis naar Zwitsers recht is verjaard, brengt niet mee dat de tenuitvoerlegging van dat vonnis in Nederland kennelijk onverenigbaar is met de Nederlandse openbare orde. Lees verder >

Begrip ‘belanghebbende’ in de zin van art. 798 lid 1 Rv en beschermingsbewind

CB 2018-119 Geplaatst op 06 jul 2018 door

HR 22 juni 2018 ECLI:NL:HR:2018:979

Een in gemeenschap van goederen gehuwde echtgenote van een onder bewind gestelde man kan als belanghebbende in de zin van 798 lid 1 Rv worden aangemerkt en kan dus  in hoger beroep komen van een door de kantonrechter op grond van art. 1:441 lid 2 BW afgegeven machtiging.

Lees verder >

Eindarrest over vordering tot blokkade The Pirate Bay

CB 2018-118 Geplaatst op 04 jul 2018 door

HR 29 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:1046 (Brein/XS4ALL en Ziggo)

1. Een torrent index website als The Pirate Bay verricht een ‘mededeling aan het publiek’ in de zin van art. 3 lid 1 Auteursrechtrichtlijn.
2. Op een vordering van een rechthebbende tegen een internet service provider tot blokkade van een torrent index website die inbreuk op zijn rechten maakt, is de Handhavingsrichtlijn van toepassing, ook al maakt de provider zelf geen inbreuk.

Lees verder >

Bewijs en tegenbewijs bij ontbinding arbeidsovereenkomst wegens disfunctioneren

CB 2018-117 Geplaatst op 03 jul 2018 door

HR 29 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:1045

De Hoge Raad bevestigt eerdere rechtspraak waarin is geoordeeld dat in ontbindingsprocedures als onderhavige wegens disfunctioneren (de d-grond; art. 7:669 lid 3 sub d BW) de wettelijke bewijsregels van overeenkomstige toepassing zijn. Dit brengt onder meer mee dat de werkgever de feiten en omstandigheden die hij aan zijn ontbindingsverzoek ten grondslag heeft gelegd, bij voldoende gemotiveerde betwisting door de werknemer, zal moeten bewijzen (HR 23 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2998, NJ 2017/203 (Mediant), zie CB 2017-6) en HR 16 februari 2018, ECLI:NL:HR:2016:182 (Decor), zie CB 2018-39). Dit brengt verder mee dat de werknemer die bewijs heeft aangeboden, in beginsel tot dat tegenbewijs moet worden toegelaten. Het hof heeft ten onrechte nagelaten om in te gaan op het door werkneemster gedane bewijsaanbod. Lees verder >

In beginsel meervoudige inlichtingencomparitie in meervoudig te beslissen zaak en gezichtspunten voor de vraag of uit een gedragslijn een arbeidsvoorwaarde ontstaat

CB 2018-116 Geplaatst op 03 jul 2018 door

HR 22 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:976 (FNV/Pontmeyer) en ECLI:NL:HR:2018:971 (X/Holland Schemering BV)

(i) de Hoge Raad bevestigt (in beide uitspraken) eerdere rechtspraak, waarin is geoordeeld dat een comparitie in een meervoudig te beslissen zaak, waarin partijen in de gelegenheid zijn gesteld hun stellingen toe te lichten, in beginsel dient plaats te vinden ten overstaan van de drie raadsheren die de beslissing nemen. Hiervan kan worden afgeweken door partijen tijdig voor de comparitie mede te delen dat zij kunnen verzoeken om een meervoudige behandeling (HR 22 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3259 en ECLI:NL:HR:2017:3264, zie CB 2018:13). Een regeling in het procesreglement dat partijen een dergelijk verzoek kunnen doen, volstaat; (ii) de Hoge Raad geeft in het FNV/Pontmeyer-arrest gezichtspunten voor de vraag of uit een gedragslijn een tussen werknemer en werkgever geldende arbeidsvoorwaarde kan ontstaan.  Lees verder >

Een kwijtingsverklaring is niet zonder meer ook een kwijtschelding

CB 2018-115 Geplaatst op 02 jul 2018 door

HR 22 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:975

Een kwijtingsverklaring houdt in beginsel niet meer in dan bewijs dat een betaling heeft plaatsgevonden, waartegen tegenbewijs openstaat. In een dergelijke verklaring houdt niet zonder meer ook een kwijtschelding in als bedoeld in art. 6:160 lid 2 BW. Voor kwijtschelding is vereist dat partijen zijn overeengekomen dat het verschuldigde bedrag niet geheel zou worden voldaan, of dat zij, bij wege van een vaststellingsovereenkomst, aan enige onzekerheid over de verschuldigdheid ervan een einde hebben willen maken. Lees verder >

Pagina 3 van 3123