Selecteer een pagina

Alle berichten van: Ruben de Graaff


HR 21 februari 2020, ECLI:NL:HR:2020:315

(i) Schade dient in beginsel concreet te worden berekend.
(ii) Zaakschade dient in beginsel abstract te worden berekend.
(iii) Indien leidingschade slechts door eigen medewerkers kan of mag worden hersteld, dient niet van deze omstandigheid te worden geabstraheerd. (meer…)

HR 3 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:587

(i) Een art. 3:305a-rechtspersoon treedt in rechte niet op als procesvertegenwoordiger van anderen, maar als zelfstandige formele en materiële procespartij.
(ii) Uitgangspunt is dat een partij in de loop van de procedure niet in een andere hoedanigheid kan gaan optreden dan die waarin zij haar vordering bij aanvang van de procedure heeft ingesteld.
(iii) Onder bijzondere omstandigheden kan een wijziging van partijhoedanigheid niettemin geoorloofd zijn. (meer…)

HR 21 februari 2020, ECLI:NL:HR:2020:284

(i) In hoger beroep moet de vraag of het verzoek van de werkgever om ontbinding van de arbeidsovereenkomst terecht is toegewezen ‘ex tunc’ worden beoordeeld.

(ii) Het staat partijen in hoger beroep vrij andere feiten en omstandigheden naar voren te brengen, maar de rechter mag slechts acht slaan op de feiten en omstandigheden die zich hebben voorgedaan vóór de ontbindingsbeschikking van de kantonrechter.

(iii) De vraag of de rechter in hoger beroep moet voorzien in herstel van de arbeidsovereenkomst of aan de werknemer een billijke vergoeding moet toekennen dient ‘ex nunc’ te worden beoordeeld.

(iv) Dit geldt ook voor de beoordeling van het recht op en de omvang van de transitievergoeding en de billijke vergoeding, met dien verstande dat de vraag of de ontbinding het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van werkgever of werknemer naar haar aard ‘ex tunc’ moet worden beoordeeld.

(meer…)

HR 14 februari 2020, ECLI:NL:HR:2020:260

Gelet op de tekst van het kwijtingsbeding is ’s hofs oordeel dat de volledige kwijting van verhuurder ter zake van “al zijn verplichtingen ingevolge het Huurcontract” ook ziet op een op de wet gegronde vordering uit onverschuldigde betaling zonder nadere motivering onbegrijpelijk.

(meer…)

Cassatieblog.nl