Dossier: Aansprakelijkheid en schadevergoeding


HR 9 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:309 (Stichting GSFS Pensionfund c.s. / DNB)

Art. 1:25d lid 1 Wft – dat de aansprakelijkheid van DNB beperkt – ziet op al het handelen en nalaten van DNB dat rechtstreeks dan wel voldoende inhoudelijk met de uitoefening van haar wettelijke taken en bevoegdheden verband houdt, waaronder het nemen van bestuursbesluiten. Dit brengt mee dat deze bepaling ook van toepassing is op de eventuele aansprakelijkheid van DNB voor het doorhalen van een inschrijving in het register pensioenfondsen. (meer…)

HR 16 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:365

Er hoeft geen inzage in een door een deskundige uitgevoerde medische analyse te worden verstrekt als dit in strijd zou komen met het uit art. 6 EVRM voortvloeiende recht om verweerders de vrijheid te bieden hun eigen processtrategie te bepalen. Het afwijzen van een exhibitievordering op grond van een dergelijke gewichtige reden in de zin van art. 843a lid 4 Rv komt niet in strijd met het doel van richtlijn 95/46/EG, omdat het hier niet gaat om persoonsgegevens in de zin van de richtlijn. (meer…)

Hoge Raad 26 januari 2018 ECLI:NL:HR:2018:107

Indien onrechtmatig is gehandeld in een bepaalde periode, kan de vordering tot vergoeding van de geleden schade niet reeds vóór die periode opeisbaar zijn geworden. De insolventieadviseur is daarom ingevolge art. 6:83 aanhef en onder sub b BW niet in verzuim, zodat de wettelijke rente niet vanaf die datum verschuldigd is. (meer…)

HR 24 november 2017, ECLI:NL:HR:2017:3016

1) De raadsheer-commissaris heeft aan partijen (uitsluitend) voorgesteld om met de kamer te bespreken in hoeverre aanleiding bestond een van de andere leden van de kamer als raadsheer-commissaris te laten optreden. Daarop volgde een wisseling van de raadsheer-commissaris. Partijen mochten het voorgaande niet zo begrijpen dat hij zich als raadsheer zou terugtrekken uit de kamer.

2) Voor het ontbreken van aansprakelijkheid van degene die in de opstal een bedrijf uitoefent, is nodig en toereikend dat tussen het bestaan of ontstaan van het gebrek en de bedrijfsuitoefening geen verband bestaat. (meer…)

HR 22 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3232

De Hoge Raad bevestigt dat de wettelijke rente over de schadevergoeding wegens kennelijk onredelijke opzegging van de arbeidsovereenkomst uit art. 7:681 (oud) BW, wordt verschuldigd met ingang van het tijdstip waarop de arbeidsovereenkomst als gevolg van deze opzegging eindigt. (meer…)

HR 15 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3145

De begroting van de schade aan een boom kan niet worden gebaseerd op het uitgangspunt dat de kosten die in het verleden zijn gemaakt om het genot van de boom te verkrijgen en te behouden, geacht moeten worden hun doel te hebben gemist. Een algemene regel op basis waarvan de schade aan bomen moet worden vastgesteld kan niet worden gegeven. Uitgangspunt blijft dat een rechter zoveel mogelijk de werkelijk te lijden schade begroot. (meer…)