Selecteer een pagina

Alle berichten met de tag: vervaltermijn


HR 14 januari 2022, ECLI:NL:HR:2022:13

 De in art. 7:663 BW genoemde vervaltermijn van een jaar geldt niet voor de aansprakelijkheid van een bestuurder voor achterstallige pensioenpremie op grond van art. 23 Wet Bpf 2000. (meer…)

HR 14 januari 2022, ECLI:NL:HR:2022:13  

Maartje Möhring vertelt in drie minuten over een arrest van de Hoge Raad over de aansprakelijkheid van bestuurders voor achterstallige pensioenpremies. In dat arrest gaat de Hoge Raad – aan de hand van de algemene regels uit Boek 6 BW – in op de vraag of de aansprakelijkheid van de bestuurder afhankelijk is van de aansprakelijkheid van de rechtspersoon.

 

 

HR 16 juli 2021, ECLI:NL:HR:2021:1172

Een dergelijke heupprothese is geen product dat door de producent van de onderdelen in het verkeer is gebracht. Voor elk onderdeel geldt een afzonderlijke vervaltermijn, die aanvangt daags nadat het onderdeel in het verkeer is gebracht. (meer…)

HR 21 mei 2021, ECLI:NL:HR:2021:747

Het hof heeft de werknemer ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot vernietiging van het ontslag op staande voet. Anders dan het hof heeft geoordeeld, is dit verzoek tijdig gedaan.  (meer…)

HR 5 februari 2021, ECLI:NL:HR:2021:188

(i) De termijn waarbinnen het verzoekschrift tot toekenning van een transitievergoeding moet worden ingediend, begint op de eerste dag na de laatste werkdag en loopt af aan het einde van de met die laatste werkdag overeenstemmende dag drie maanden later.
(ii) Voor toepassing van art. 7:673b lid 1 (oud) BW is niet vereist dat een (aan de transitievergoeding gelijkwaardige) voorziening is getroffen voor het geval de arbeidsovereenkomst wordt beëindigd, noch dat deze pas na de beëindiging van de arbeidsovereenkomst wordt verstrekt of haar werking heeft. Voorts is de wijze waarop de werkgever de voorziening financiert, niet van belang.  (meer…)