Https://cassatieblog.nl maakt gebruik van cookies voor webanalyse en social media sharing. Google Analytics analyseert met behulp van cookies hoe de website wordt gebruikt. Daarnaast toont Https://cassatieblog.nl knoppen om informatie te delen op sociale media. Deze knoppen worden enkel weergegeven als u toestemming geeft cookies te plaatsen op uw computer. Meer informatie vindt u in ons Privacyverklaring.
weigeren accepteren

BW art. 6:162

Beginsel van collectieve aansprakelijkheid geldt niet bij externe bestuurdersaansprakelijkheid

CB 2018-71 Geplaatst op 19 apr 2018 door

HR 30 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:470 (Eisers / TMF c.s.)

Het beginsel van collectieve aansprakelijkheid en de invloed van taakverdelingen in dat verband, zoals toegepast in het kader van interne bestuurdersaansprakelijkheid ex art. 2:9 BW, gelden niet bij externe bestuurdersaansprakelijkheid ex art. 6:162 BW. Voor aansprakelijkheid van een bestuurder jegens derden geldt het vereiste dat die bestuurder persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt. Daarmee verdraagt zich niet dat in het geval sprake is van schending door een vennootschap van wettelijke voorschriften ter bescherming van het beleggend publiek, de aansprakelijkheid van een bestuurder op grond van art. 6:162 BW wordt aangenomen zonder dat sprake is van een persoonlijk ernstig verwijt, of dat die aansprakelijkheid wordt aangenomen op grond van een vermoeden van een persoonlijk ernstig verwijt.  Lees verder >

Verwijderingsplicht curator bij opslag van tot de boedel behorende zaken

CB 2017-71 Geplaatst op 05 apr 2017 door

HR 31 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:563

Indien tot de faillissementsboedel behorende zaken zijn opgeslagen in een gebouw of op een terrein dat de wederpartij van de failliet (niet in eigendom maar) in gebruik heeft, heeft de wederpartij na ontbinding van de overeenkomst in beginsel evenzeer als de eigenaar het recht om van de curator verwijdering van die zaken te verlangen. Lees verder >

Art. 2:11 BW geldt in alle gevallen van aansprakelijkheid rechtspersoon op grond van de wet

CB 2017-45 Geplaatst op 03 mrt 2017 door

HR 17 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:275

Art. 2:11 BW is van toepassing in alle gevallen waarin een rechtspersoon in zijn hoedanigheid van bestuurder van een andere rechtspersoon aansprakelijk is op grond van de wet. Daaronder valt ook de aansprakelijkheid van een rechtspersoon-bestuurder die is gebaseerd op art. 6:162 BW. Deze aansprakelijkheid rust dan tevens hoofdelijk op ieder die ten tijde van het ontstaan van de aansprakelijkheid van een rechtspersoon-bestuurder daarvan bestuurder is. Dit betekent dat voor vestiging van aansprakelijkheid van een bestuurder van een rechtspersoon-bestuurder niet de aanvullende eis geldt dat de schuldeiser stelt, en zo nodig bewijst, dat ook aan die bestuurder een ernstig verwijt kan worden gemaakt. Lees verder >

HvJEU-maatstaf voor “in het verkeer brengen” bij productaansprakelijkheid geldt ook bij onrechtmatigedaadsactie wegens een gebrekkig product

CB 2017-10 Geplaatst op 23 jan 2017 door

vrachtwagenHR 13 januari 2017,  ECLI:NL:HR:2017:32

(i) Volgens vaste rechtspraak moet in het kader van een onrechtmatigedaadsactie (art. 6:162 BW) wegens een gebrekkig product worden onderzocht of de producent een product in het verkeer heeft gebracht dat schade veroorzaakt bij normaal gebruik voor het doel waarvoor het is bestemd (HR 22 september 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA7239, NJ 2000/644).(ii) Ten aanzien van het “in het verkeer brengen” moet – in geval van een onrechtmatigedaadsactie – worden aangesloten bij de maatstaf voor productaansprakelijkheid van HvJEU 9 februari 2006, ECLI:EU:C:2006:93, NJ 2006/401 (O’Byrne/Sanofi), op grond waarvan een product in het verkeer is gebracht wanneer dit product het productieproces heeft verlaten en is opgenomen in het verkoopproces in een vorm waarin het aan het publiek wordt aangeboden voor gebruik of consumptie. Lees verder >

Aansprakelijkheid wegbeheerder voor voorwerpen op de weg

CB 2016-158 Geplaatst op 12 okt 2016 door

wegdekHR 7 oktober 2016, ECLI:NL:HR:2016:2283

De beantwoording van de vraag of een weg voldoet aan de eisen die daaraan mogen worden gesteld en dus niet gebrekkig is, dient te geschieden aan de hand van de ‘Kelderluikcriteria’. De aansprakelijkheid van een wegbeheerder is ingevolge art. 6:174 BW beperkt tot de gebreken die samenhangen met de verkeersfunctie van de openbare weg. De aanwezigheid van een voorwerp op een openbare weg dat niet behoort tot de weg in de zin van art. 6:174 lid 1 BW en dat gevaar schept voor personen of zaken, is derhalve niet een gebrek van de weg als bedoeld in art. 6:174 BW. Een wegbeheerder kan echter, mede uit hoofde van zijn algemene zorgplicht ten aanzien van de veiligheid van weggebruikers, wel aansprakelijk zijn voor de aanwezigheid van voorwerpen op de weg op grond van art. 6:162 BW. Lees verder >

Buitencontractuele beroepsaansprakelijkheid advocaat: geen persoonlijk ernstig verwijt vereist

CB 2015-137 Geplaatst op 25 sep 2015 door

HR 18 september 2015, ECLI:NL:HR:2015:2745

Voor beroepsaansprakelijkheid van een advocaat die een niet aan hem verleende opdracht feitelijk heeft uitgevoerd, gelden de normale vereisten van art. 6:162 BW. Niet is vereist dat de advocaat persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt. Lees verder >

Verhaal van saneringskosten door overheid in hoedanigheid van grondeigenaar

CB 2015-9 Geplaatst op 15 jan 2015 door

HR 9 januari 2014, ECLI:NL:HR:2015:37 (Gemeente Haarlem/Verweerster)

De regeling van art. 75 Wet bodembescherming (Wbb) laat onverlet dat een overheidslichaam op de grondslag van onrechtmatige daad (art. 6:162 BW) vergoeding kan vorderen van schade die het in de hoedanigheid van grondeigenaar lijdt wegens kosten van onderzoek en sanering. Lees verder >

Aanwezigheid van ponton speelde geen rol bij schadeveroorzaking, korte verjaringstermijn schadevaring (art. 8:1793 BW) niet van toepassing

CB 2014-187 Geplaatst op 27 nov 2014 door

HR 21 november 2014, ECLI:NL:HR:2014:3350 (Liander / KWS)

De vordering uit hoofde van schending van de zorgplicht (art. 6:162 BW) stoelt op verwijten van andere aard dan die welke verband houden met het gebruik van schepen (en daarmee gelijkgestelde voorwerpen). Van samenloop van rechtsvorderingen tegen dezelfde persoon is dus geen sprake. De door de opdrachtgever jegens de (hoofd)aannemer ingestelde rechtsvordering kan dan ook niet worden aangemerkt als een rechtsvordering tot vergoeding van schade, veroorzaakt door een voorval als bedoeld in art. 8:1793 BW, zodat de daarin vervatte verjaringstermijn van twee jaar niet van toepassing is. Lees verder >

Hoge Raad verduidelijkt Spaanse Villa-arrest

CB 2014-139 Geplaatst op 10 sep 2014 door

HR 5 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2628

In geval van onrechtmatig handelen bij de taakvervulling als bestuurder van een vennootschap, is deze bestuurder slechts persoonlijk aansprakelijk voor de schade die de wederpartij lijdt ten gevolge van wanprestatie of een onrechtmatige daad van de vennootschap als die bestuurder ter zake van de benadeling persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt. Lees verder >

Bestuurdersaansprakelijkheid wegens verhindering verhaal; ernstig verwijt ondanks mogelijke tegenvordering?

CB 2014-74 Geplaatst op 10 apr 2014 door

HR 4 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:829 (Eisers/Curatoren Air Holland)

Voor bestuurdersaansprakelijkheid wegens het bewerkstelligen of toelaten dat de vennootschap haar verplichtingen niet nakomt en ter zake ook geen verhaal biedt, is vereist dat de bestuurder een ernstig verwijt treft (vgl. HR 8 december 2006, ECLI:NL:HR:2006:AZ0758). In een geval als het onderhavige, waarin bestuurders zich hebben beroepen op verrekening met een vooralsnog onzekere tegenvordering, is hiervoor voldoende dat de bestuurder ten tijde van het hem verweten handelen of nalaten ernstig rekening had moeten houden met de mogelijkheid dat ondanks de gestelde tegenvordering een vordering op de vennootschap zou resteren. Lees verder >

Pagina 1 van 212