Selecteer een pagina

Dossier: Proces- en beslagrecht


HR 21 oktober 2011, LJN ECLI:NL:HR:2011:BQ8780

Na het leggen van conservatoir beslag moet, op straffe van verval van het beslag, binnen een door de voorzieningenrechter te bepalen termijn van ten minste acht dagen een eis in de hoofdzaak worden ingesteld (art. 700 lid 3 Rv). Als eis in de hoofdzaak kan ook worden aangemerkt de voeging als benadeelde in een Belgische strafzaak. (meer…)

HR 21 oktober 2011, LJN ECLI:NL:HR:2011BS1687 (PPC/Aqualectra)

Niet-tijdige boeking van het griffierecht in de rekening-courant tussen de griffier van de Hoge Raad en het kantoor van de cassatieadvocaat die aan de griffier van de Hoge Raad valt toe te rekenen, leidt niet tot niet-ontvankelijkheid van de verzoeker tot cassatie. (meer…)

HvJEU 13 oktober 2011, C-139/10 (Prism Investments / mr. J.A. van der Meer q.q.).

Artikel 45 EEX-Verordening staat eraan in de weg dat de rechter die moet beslissen op het rechtsmiddel van art. 43-44 EEX-Vo, een verklaring waarbij een beslissing uitvoerbaar wordt verklaard weigert of intrekt op een andere grond dan de in de artikelen 34-35 EEX-Vo genoemde gronden, zoals de grond dat die beslissing in de lidstaat van herkomst al is uitgevoerd. (meer…)

HR 23 september 2011, LJN BQ7064 (X/Ru-Pro Holding BV)

Dat het hof bij pleidooi in hoger beroep ambtshalve een bepaalde vraag aan de orde heeft gesteld en daarop de eis is gewijzigd, rechtvaardigt niet een uitzondering op de “in beginsel strakke regel” dat een wijziging van eis in hoger beroep in beginsel niet later dan bij memorie van grieven of memorie van antwoord mag worden gedaan. (meer…)

HR 23 september 2011, LJN ECLI:NL:HR:2011:BT2416

Wanneer een verzoekschrift is gericht aan het juiste gerecht maar wordt ingediend bij een ander gerecht, mag verwacht worden dat de griffie deze fout binnen korte tijd onderkent en het verzoekschrift doorgeleidt naar het juiste gerecht. Het verzoekschrift wordt dan geacht te zijn ingediend op het tijdstip van binnenkomst bij het andere, verkeerde gerecht. (meer…)

HR 16 september 2011, LJN ECLI:NL:HR:2011:BQ7051 (Erasmus c.s./SGS).

Wanneer het arrest van het hof in een bodemprocedure door de Hoge Raad is vernietigd, dient het arrest van het hof in een daarmee samenhangende (maar tussen andere partijen gevoerde) procedure in kort geding, voor zover het hof ter onderbouwing van zijn oordeel naar zijn eerdere door de Hoge Raad vernietigde arrest heeft verwezen, eveneens te worden vernietigd. (meer…)